Buiten de stadsmuren lag, langs de oude Via Laurentina, een van de belangrijkste necropolen van Ostia. De oudste graven dateren uit het midden van de eerste eeuw v.Chr. en werden gebouwd in een gebied dat op enige afstand van de stad lag. In de keizertijd strekte de begraafplaats zich ook uit tot het gebied in de buurt van Porta Laurentina. In de eerste fase zien we ommuurde graven, terwijl de kamergraven en columbaria met nissen voor de asurnen tot de tweede fase behoren. In de necropolis werden voornamelijk vrijgelatenen begraven, de geëmancipeerde slaven van bekende families uit Ostia (waaronder de Manlii en Volusii) en van keizer Claudius. Ondanks de niet al te hoge rang van de eigenaren van de graven kunnen wij ons door de aanwezige fijne beschilderingen een idee vormen van het in de handel en ambachten bereikte welvaartsniveau van de vrijgelatenen van Ostia.
Detail van het fresco van “Orpheus in de onderwereld” (Vaticaanse Musea, Museo Gregoriano Profano, inv. 10789 – foto © Musei Vaticani)