Graf 37: kamergraf, bedoeld voor het begrafenisritueel met arcosolia en formae. Datering: 2e-3e eeuw n.Chr.
Graf 38: kamergraf met ommuring en vermoedelijk een bovenverdieping. Het heeft een zijingang. Het graf is gebouwd bovenop oudere graven en ingericht voor het begrafenisritueel. Een christelijke funeraire inscriptie werd in de late oudheid hergebruikt als vloerplaat. Datering: 2e-3e eeuw n.Chr.
Graven 38-42: zijn het resultaat van latere toevoegingen aan het oudere Kamergraf 39 voor het gemengde ritueel, waarvan de fundering, die tegen de achtermuur leunt en waarop een gefragmenteerde marmeren sarcofaag stond, dateert uit een periode van hergebruik. Datering: circa 160 n.Chr.
Graf 41: bestemd voor de inhumatie. Een deel van de picturale versiering van de arcosolia met stillevens is bewaard gebleven. Datering: 190-220 n.Chr.
Graf 42: kamergraf, de onderste verdieping is bestemd voor het gemengde ritueel. De sluitingen van de arcosolia zijn versierd met schilderingen met florale motieven. Het gewelf is beschilderd met een gele achtergrond met afwisselende kruis- en zonnestraalmotieven. In de achthoek in het midden is een mannenfiguur afgebeeld. Een trap leidde naar de bovenverdieping, waar de voor de begrafenis gereedgemaakte kamer een mozaïekvloer laat zien met een embleem (mozaïekschilderij) dat een rieten mand met ernaast twee duiven die elkaar aankijken afbeeldt. Een inscriptie van mozaïeksteentjes vertelt ons dat het mozaïek sarcofagen (graven) bedekte die in de dikte van het gewelf uitgehouwen waren. Uit het graf zijn marmeren sarcofagen tevoorschijn gekomen. Datering: einde 2e eeuw n.Chr.
Graven 43-46: het laatste graf is het oudste en de richting ervan werd bepaald door een zijpad. Het graf, met een onlangs gereconstrueerd tongewelf, was oorspronkelijk alleen bedoeld voor crematies. Later werden er drie verdiepingen met formae aan toegevoegd. Datering: begin 2e eeuw n.Chr. Graf 45, dat in dezelfde richting wijst als graf 46, was bestemd voor het gemengde ritueel. Datering: tweede helft 2e eeuw n.Chr. Graf 43, kamergraf met atrium, bevat alleen teraardebestellingen. Opvallend is het mozaïek in het atrium, met twee schepen die naar een centrale vuurtoren varen. Het opschrift in het Grieks “ode pausylipos” (hier houden alle zorgen op) onthult de allegorische betekenis van de scène (het schip bereikt de haven zoals het leven ten einde loopt), hoewel ook de hypothese van een realistische weergave van de commerciële activiteit van de eigenaar naar geopperd is; in het laatste geval zou de afgebeelde vuurtoren die van Portus kunnen zijn. Datering: einde 2e - begin 3e eeuw n.Chr.
Gestreepte sarcofaag uit Graf 39: aan de zijkanten de figuren van een gesluierde vrouw en een man met de kenmerken van een herder
(Depositi Ostiensi)