Opgravingsproeven onder de weg uit het begin van de 2e eeuw n.Chr., hebben een badhuiscomplex van onduidelijke grootte uit de tijd van Claudius (41-54 n.Chr.) aan het licht gebracht. Het enige nog zichtbare element is een kostbaar zwart-wit mozaïek dat, binnen een meanderkader, vierkanten omsluit met afbeeldingen van wapens en geometrische motieven. In het centrale deel zien we een rechthoek met dolfijnen, geflankeerd door de personificaties van de provincies (Spanje, Sicilië, Egypte en Afrika) en de winden die respectievelijk door vrouwen- en mannenhoofden worden gesymboliseerd. De figuratieve motieven verwijzen waarschijnlijk naar de ontwikkeling van de zeehandel tussen Rome en de provincies van de westelijke Middellandse Zee, na de aanleg van de haven van Claudius.