Dit particuliere badhuiscomplex werd gebouwd rond het jaar 110 n.Chr. en werd enkele decennia later gerenoveerd. Het was toegankelijk via een lange entree met banken (A) die was opgeluisterd met beschilderingen van plantmotieven, welke in de achterste kamer (B) werden herhaald. De verwarmde vertrekken lagen in de westelijke vleugel: in de mozaïekvloer van een van de warme kamers (C) zie we een naakte mannelijke figuur met de naam Epictetus Buticosus, waarschijnlijk de beheerder van het complex. In het calidarium (ruimte voor de warme baden) zijn een mozaïek met een zeetafereel (Triton en Nereïde) en twee met marmer beklede bassins (E) bewaard gebleven. De watervoorziening werd gegarandeerd door een cisterne uitgerust met een noria (scheprad), gelegen in het aangrenzende heilige republikeinse gebied.
Detail van de tubuli voor de verwarming en van de bekleding met marmeren platen van een van de verwarmde ruimtes