De Case a Giardino werden rond 130 n.Chr. gebouwd in het kader van een groot bestemmingsplan en hadden voornamelijk een residentiële functie, hoewel er ook commerciële en dienstruimtes waren. Het complex bestond aan de buitenkant uit een vierhoek met in het midden twee symmetrische blokken, onderling gescheiden door een als tuin ingerichte ruimte (A) met zes fonteinen (B). De gebouwen hadden ten minste drie verdiepingen en waren toegankelijk vanuit de tuin. Met buitentrappen bereikte men de appartementen op de hogere verdiepingen die meestal bestemd waren voor de verhuur. Het geheel was functioneel en elegant als een modern luxe condominium. Het werd bewoond door de middenklasse van de stad en lag in een gebied dicht bij de zee en niet ver van het centrum.